In 2025 verschenen maar liefst 6 belangrijke rapporten die trends en knelpunten op het gebied van de ggz en mentale gezondheid in Nederland signaleren. Als er niets verandert, lijkt de ggz vast te lopen. Wat moet er gebeuren? We vragen het aan Barbara Stringer, directeur Phrenos. Vijf belangrijke vragen voor Phrenos waarmee we vooruitblikken op 2026.

Steeds meer mensen doen een beroep op de ggz. Door de groei van (en vraag naar) ‘lichtere’ mentale zorg, komt de complexe zorg in het gedrang. Er is echter ook een toename in de zorg voor mensen met een Wlz-indicatie (langdurige zorg). Zodanig dat ggz-organisaties niet aan de vraag kunnen voldoen. Ook verdwijnt herstelgerichte zorg bij mensen die langdurig in zorg zijn soms naar de achtergrond (rapport Trimbos-instituut). De fragmentatie van zorg zorgt voor extra problemen, met name voor cliënten met complexe psychische problemen. Gedwongen zorg neemt toe, terwijl een afname het doel was. De rapporten liggen op tafel (zie onderaan dit artikel). Het is nu wachten op belangrijke beleidsbeslissingen in 2026.
5 actuele vragen
In gesprek met Barbara Stringer, directeur Phrenos, die veel ervaring heeft in de langdurige zorg. Wat zijn volgens haar aandachtspunten voor 2026 en hoe gaat Phrenos komend jaar hiermee aan de slag?
1.Ook in de complexe zorg lijkt ‘herstelondersteunend werken’ soms onder te sneeuwen. Hoe komt dat? Hoe kunnen we herstelgericht werken beter in de praktijk vormgeven?
Phrenos is juist opgericht om herstelondersteunende zorg binnen de langdurende zorg centraal te stellen. Er is veel geïnvesteerd in netwerkzorg en in herstelondersteunende zorg. Toch vraagt dit nu een soort herijking en verdere verdieping.
Binnen bijvoorbeeld het project Grip op hoogcomplexe situaties in de ggz zie je mooi hoe een ‘betekenisvol leven voor cliënten’ centraal staat. Betekenisvol gaat ook over betekenisgeving en bereid zijn te willen snappen hoe iemand zijn situatie ‘verstaat’. Zeker in complexe situaties is dit belangrijk om te voorkomen dat we in de valkuil stappen hen te reduceren tot wat in medisch psychiatrische modellen of systemen past.
Wat heeft iemand nodig, wat ook juist niet of wat vindt iemand belangrijk in het leven? Hoe ondersteunen we mensen bij de dagelijkse worsteling met het lijden en leven? Hier goed op afstemmen lukt toch maar beperkt. Bij de intake zien we die verbreding gelukkig vaak wel door herstelondersteunende intakes, maar vaak raakt dat, gedurende het zorgproces, juist bij de complexe zorg, weer meer buiten beeld.
Ik heb net een onderzoek afgerond, samen met CCE, waaruit bleek – haast schokkend – dat het levensverhaal bij mensen die al lang in zorg zijn zo uit beeld was geraakt. Wanneer zorg en behandeling langer of herhaaldelijk nodig is, raakt die ook vaak gefragmenteerd. Extra inspanning is dan nodig om het verhaal steeds in de volle breedte voor ogen te houden. En daarbij open ruimte houden voor alle ervaringen die een cliënt heeft opgedaan. Welke betekenis heeft dat, en hoe kan je dat begrijpen, ipv. meteen terug te vallen op je eigen interpretatie. Dus dialogisch werken, zoals bijvoorbeeld ook bij Peer-supported Open Dialogue gebeurt. En zorgen dat je een levensverhaal als basis hebt dat richting geeft aan begeleiding en behandeling.
Ik heb net een onderzoek afgerond waaruit bleek dat – haast schokkend – het levensverhaal van mensen die al lang in zorg zijn, uit beeld was geraakt.
Bij de Wlz krijg je een indicatie voor de rest van je leven. Dat is ergens dubbel. Je loopt het risico dat je ondersteuning inricht op dat er geen verandering meer mogelijk is. Bijvoorbeeld hoe je de dag rustig doorkomt, in plaats van het herstelperspectief. Tegelijkertijd heeft het voor veel mensen ook de druk eraf gehaald om ‘beter’ te moeten worden met steeds nieuwe kortdurende behandelingen.
In de langdurige setting zie ik nog veel ruimte om meer te doen met een betekenisvolle daginvulling. Dit kunnen allerlei activiteiten zijn, zodat mensen nieuwe ervaringen opdoen en van daaruit ook weer kunnen gaan ervaren wat ze eventueel wel en niet van waarde vinden. Niet om voor cliënten te bepalen dat dat nodig is, maar vanuit de gedachte dat ritme en routines ook houvast kunnen geven in het leven. Phrenos probeert met een aantal organisaties en zorgkantoren een nieuw project op te zetten rond het vergroten van betekenisvolle activiteiten en relaties. Soms is het lastig om te realiseren maar het kan zeker!
2. Het gebruik van dwangmaatregelen in de ggz neemt nog steeds toe. Wat vind je hiervan? En wat moet er gebeuren?
Ja, die toename doet mijn zorghart pijn. We weten voor een groot deel wat nodig is om dwangmaatregelen en insluiting te voorkomen. Het is ook een tijd gelukt om het terug te dringen. Maar het lijkt of we het momentum zijn kwijtgeraakt, ook omdat de grote subsidieprogramma’s hiervoor stopten. Terwijl het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap helder is: dwang is een mensenrechtenschending. Dit is misschien een ongemakkelijk geluid met vergaande consequenties voor de huidige wetgeving, maar dit debat zou in de politiek wel scherper gevoerd mogen worden wat mij betreft.
Dwang is een mensenrechtenschending. We weten wat nodig is om dwangmaatregelen en insluiting te voorkomen.
Tegelijkertijd vraagt het binnen de geldende wetgeving van bestuurders en managers hernieuwde energie en aandacht om de randvoorwaarden te creëren zodat teams ook kunnen zeggen: insluiten gaan we niet meer doen en we stoppen met de separeercel. Dit vraagt vasthoudendheid en moed. Het is niet gemakkelijk, dat weet ik uit eigen ervaring. Ook hier zit de meeste winst in het werken aan de voorkant. Teams ondersteunen om die ruimte maximaal te kunnen benutten is essentieel. De ‘eerste 5 minuten methode’, die ik destijds mee-ontwikkeld heb, is nog steeds wijdverbreid onder HIC-teams en dat werkt. De druk op een HIC kan enorm hoog oplopen en hulpverleners hebben elke keer weer de keuze te maken in wat het goede is om te doen op dat moment. Daarop durven blijven reflecteren met elkaar en ervan leren is een belangrijke kern van vakmanschap. Vakmanschap vraagt ook dat je naar jezelf durft te kijken in relatie tot de ander. We vragen van cliënten om zelfinzicht en gedragsverandering, dan is het raar als we zelf buiten schot zouden kunnen blijven.
Phrenos heeft een subsidieaanvraag gedaan om een project te starten over onbegrepen situaties in beschermd wonen. We willen gaan kijken welke impliciete vormen van drang en dwang er zijn, en hoe je kunt voorkomen dat dit verder escaleert richting opnames. Ook gaan we aanhaken bij het MIRA consortium, met een onderzoekslijn gericht op het verminderen van dwangtoepassingen.
3. In het nieuws ging het regelmatig over de toename van (gewelddadige) incidenten met verwarde personen, beter te benoemen als mensen met onbegrepen gedrag. En de toename van meldingen bij de politie. Wat gaat hier niet goed?

Een belangrijke preventieve voorwaarde is het creëren van een veilige sociale basis, want het raakt natuurlijk ook het beleid rond bijvoorbeeld dakloosheid en schuldenproblematiek. De kwaliteit van een samenleving wordt in mijn ogen bepaald door hoe je met mensen in de meest kwetsbare situaties omgaat. Is er een vangnet waardoor mensen bestaanszekerheid hebben? Als dat vangnet niet goed werkt, is de kans op incidenten groter.
Mensen met meerdere problemen, zoals een verslaving én psychische problemen, vragen een sterkere integrale benadering. Zodat we deze mensen in beeld houden en hulp kunnen bieden die ze nodig hebben. Wat echt moet stoppen is dat een zorgaanbieder kan zeggen: deze cliënt hoort hier niet, en dan weer doorverwijzen naar een ander. Dat als het ingewikkeld wordt, iedereen wel een doorgeefluik heeft. Zorg dat je eventueel ontbrekende expertise toevoegt aan teams die vastlopen, in plaats van dat cliënten steeds naar een nieuwe expert toe moeten. Dit vraagt gedeelde verantwoordelijkheid en helpt fragmentatie tegen te gaan.
Wat echt moet stoppen is dat een zorgaanbieder kan zeggen: deze cliënt hoort hier niet, en dan weer doorverwijzen naar een ander. Dat als het ingewikkeld wordt, iedereen wel een doorgeefluik heeft.
Het is wel duidelijk dat het stelsel zoals we dat nu hebben opgetuigd niet houdbaar is voor deze groep. Het is te ingewikkeld om de juiste hulp te krijgen. Met alle regels, wetgevingskaders en financiële kaders. Het is allemaal al meerdere keren overtuigend opgeschreven. Het is nu aan de regering om keuzes te maken en de juiste randvoorwaarden te creëren.
4. De kabinetsformatie is in volle gang maar over gezondheidszorg en geestelijke gezondheidszorg blijft het stil. Wat is je wens richting politiek?
In die stapel rapporten komt steeds terug dat het niet best gaat met de mentale gezondheid in Nederland. In het IBO rapport ‘Uit balans’ wordt duidelijk dat er meer aandacht moet gaan naar de mensen met aanhoudende en ernstige problemen. Dit is de laatste jaren in het gedrang gekomen.
Hetzelfde rapport stelt dat er een stelselwijziging nodig is. Mijn wens: politieke moed om keuzes te maken. Neem beslissingen die nodig zijn en zet in op duurzaam beleid en continuïteit. Dat is wel een belangrijk signaal van de Raad voor Gezondheid en Samenleving. Dus: zet in op het herijken en verdiepen van herstelondersteunende zorg, op het verbinden en integreren van werkzame principes en interventies en denk na over hoe je goede praktijken kan verstevigen en verbreden.
5. Phrenos werkt samen met 36 ggz-organisaties en RIBW’s. Wat zijn je wensen voor gezamenlijke initiatieven komend jaar?
We willen blijvend aandacht houden voor herstelondersteunende zorg voor cliënten met ernstige en aanhoudende psychische problemen. Nu er zoveel onzekerheid zit in beleidskeuzes, en schaarste van personeel, is het belangrijk dat de stem van mensen met ernstige problemen gehoord blijft. Juist in tijden van personeelsschaarste wil je mensen aan je binden met hun vakmanschap en professionele groei. Ik wil graag met de deelnemende organisaties in gesprek gaan over wat we als gezamenlijke goede initiatieven willen behouden en wat we willen uitbouwen. Onze onderzoeksprojecten en lerende netwerken zijn erop gericht dat organisaties van elkaar kunnen leren. Bijvoorbeeld het lerend netwerk rond netwerkzorg, ervaringskennis en LVB in de ggz. Waakvlamzorg is een waardevol nieuw startend project. We hebben de afgelopen 15 jaar ook veel opgebouwd rond ervaringskennis, en hoe we dat in de zorg en begeleiding in de hoofden en harten van professionals kunnen brengen. Op 27 mei organiseren we onze jaarlijkse werkconferentie voor en door deelnemende organisaties die gaat over de kern: herstelondersteunend werken.
Verschenen rapporten in 2025:
- Perspectief in de langdurige ggz en ‘Kennisagenda langdurige zorg’, Trimbos-instituut. Er is een toename van cliënten met een Wlz-indicatie op basis van een ‘psychische stoornis’ (en verdubbeling tussen 2021 en 2024). De fragmentatie van het zorglandschap (financiering vanuit Wlz en Wmo) is vooral nadelig voor mensen met complexe psychische problemen. Het onderzoek vormt de basis voor de start van een Academische werkplaats waarin gewerkt wordt aan een kennisinfrastructuur rond de langdurige ggz, waarin Phrenos ook participeert.
- Rapport ‘Uit balans’, het resultaat van een interdepartementaal beleidsonderzoek (IBO), uitgevoerd in opdracht van de Tweede Kamer. Steeds meer mensen doen een beroep op de ggz, waardoor de kosten uit de hand lopen. Mensen met een complexe hulpvraag of ernstige problematiek moeten lang wachten of vallen tussen wal en schip. Een ingrijpende hervorming van het stelsel is nodig. Dit rapport schetst verschillende scenario’s voor hervormingen waar het volgende kabinet op moet reageren.
- Inspectierapport: toename gedwongen zorg van de Inspectie, Gezondheidszorg en Jeugd. Het aantal registraties van toepassingen van verplichte zorg in de ggz neemt toe tussen 2022 en 2024 met 28% van 51.339 naar 66.221. Ook het aantal registraties in de categorie Insluiten is gestegen, waarbij het Separeerverblijf de meest voorkomende vorm van insluiten is.
- Rapport Klem in het systeem van Toezicht Sociaal Domein. Gebaseerd op een analyse van 12 incidentonderzoeken en gesprekken met organisaties. Het rapport brengt de knelpunten in beeld. Zonder landelijke ingrepen is in het stelsel geen duurzame oplossing mogelijk. Ook dit rapport met kamerbrief (11 dec 2025) ligt op het bordje van het volgende kabinet.
- Versterkingsagenda Mentale gezondheid & ggz, op 17 dec. 2025 naar de Tweede Kamer gestuurd. Voorgestelde acties: mentale veerkracht versterken, ondersteuning tijdens wachttijden, betere overgang van jeugdhulp naar volwassen-ggz, waakvlamondersteuning om terugval te voorkomen.
- Op de rem: voorbij de hypernerveuze samenleving van de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS). Een oproep tot een sociaal-culturele verandering. We leven in een ‘hypernerveuze samenleving’ waarin prestatiedruk, versnelling en individualisme zijn doorgeschoten en het welzijn van jong en oud ernstig bedreigen.
